











| | Criteria om het leefgeld te berekenen
(klik hier
voor een printvriendelijke versie)
Toekenningscriteria per 1 januari 2012
1.
Inleiding/algemeen
Stichting Voedselbanken
Nederland brengt na (in)direct overleg met alle voedselbanken in het land het
volgende, landelijk geldende, voorschrift uit inzake de wijze waarop het
leefgeld wordt berekend bij de vaststelling of een aanvrager in aanmerking komt
voor ondersteuning (door middel van het verstrekken van een voedselpakket) door
de Voedselbank.
Zowel bij de inkomsten als bij de uitgaven geldt dat bedragen die betrekking
hebben op een kortere of langere periode worden omgerekend tot een bedrag per
maand.
Wekelijkse bedragen x 4,3333
 |
4-wekelijkse bedragen x
1,0833 |
 |
Kwartaalbedragen / 3 |
 |
Jaarbedragen /
12 |
2.
Inkomsten
Het
uitgangspunt is dat alle inkomsten van alle volwassen (18+) gezinsleden
mee worden gerekend. Daaronder worden o.a. verstaan:
 |
Netto
loon/uitkering e.d. van aanvrager |
 |
Netto
loon/uitkering e.d. van partner of inwonende volwassene(n) waarmee een
gezamenlijke huishouding wordt gevoerd
|
 |
Alimentatie
|
 |
Huurtoeslag
|
 |
Zorgtoeslag
|
 |
(Voorlopige)
teruggaaf belastingdienst
|
 |
Kostgeld
verdienende, inwonende kinderen
Van inwonende kinderen met een eigen inkomen uit werk of uitkering mag een
bijdrage aan het gezinsinkomen worden verwacht (kostgeld). Onafhankelijk van het
inkomen van dit kind wordt hiervoor standaard een bedrag van
€ 200 gerekend, ongeacht of dit ook daadwerkelijk wordt betaald. Dit is
ook ongeveer het bedrag waarmee de bijstandsuitkering wordt verlaagd
|
Niet
meegeteld worden:
 |
Vakantietoeslag
|
 |
Kinderbijslag,
kindgebonden budget en studiefinanciering,
(zijn doeluitkering en ten behoeve van kinderen, dus ook geen specifieke
uitgaven inzake kinderen meetellen die hieruit voldaan kunnen worden) |
 |
Persoonsgebonden budget
(wordt geacht te worden besteed aan bijzondere kosten, die dan ook niet als
uitgaven mogen worden opgevoerd)
|
 |
Neveninkomsten
van kinderen zoals krantenwijk, bijbaantje e.d. |
3.
Uitgaven
Bij de uitgaven worden ook
alleen díe uitgaven meegeteld die betrekking hebben op de personen wiens
inkomen is meegeteld. Kosten die vanuit de kinderbijslag, kindgebonden budget,
persoonsgebonden budget of andere vergoedingen worden voldaan dus niet
meetellen. De meest voorkomende zaken die bijna alle uitgaven
afdekken zijn:
 |
Huur
|
 |
Hypotheek
|
 |
Energie & Water
(omrekenen naar maandbedragen)
|
 |
Premie zorgverzekering,
eventueel ook eigen bijdrage/eigen risico meerekenen.
(eigen risico voor 2012 € 18,33 per maand)
|
 |
Overige verzekeringen
(inboedel, WA, overlijden)
|
 |
Telefoon/internet/televisie
(maximaal € 50,= per maand per huishouden accepteren)
|
 |
Gemeentelijke belastingen (er
kan sprake zijn van kwijtschelding /vermindering!) |
 |
Aflossing
schulden Voor de vaststelling van het bedrag dat meegeteld wordt als
aflossing van schulden is het belangrijk dat een zo compleet mogelijk beeld van
alle schulden van derden, zijnde geen familie en vrienden, wordt verkregen en de
noodzakelijke aflossingen, bijvoorbeeld over een periode van de 12 komende
maanden. Een schuld die in 1 of 2 keer afgelost kan worden geeft
een vertekend beeld. Ook moet
duidelijk zijn dat de aflossing daadwerkelijk plaatsvindt (aangetoond via
bankafschriften). Schulden aan familie en vrienden dus niet meenemen. |
 |
Overig (dienen
altijd nauwkeurig gespecificeerd te worden) |
Niet
meegeteld worden:
 |
Autokosten
Deze zijn alleen aanvaardbaar als de auto aantoonbaar voor werk of aantoonbaar
om medische reden noodzakelijk is. Het bezit van een auto is op zich geen reden
om een aanvraag af te wijzen. Het kan wel vraagtekens oproepen waarom een auto
noodzakelijk is als er zo weinig te besteden is. Houdt in die gevallen waarbij
de autokosten wel meegerekend (mogen) worden ook rekening met een eventuele
vergoeding van reiskosten. Of, in het geval van een medische noodzaak, de
inkomsten uit een PGB. In alle gevallen dient de beoordelaar een zorgvuldige
afweging te maken. |
 |
Kosten
voor huisdieren
De kosten van huisdieren komen niet in aanmerking als uitgaven, tenzij het,
aantoonbaar, om een hulp- of blindengeleidehond gaat. |
4.
Hardheidsclausule
Het is onmogelijk om alle situaties te vangen in regeltjes. Indien het
toepassen van de hiervoor vermelde regels, in zeer bijzondere situaties, tot
ongewenste situaties leidt, kan de beoordelaar van de Voedselbank bij
uitzondering, maar wel onderbouwd, afwijken van deze regels.

|