Regels en criteria

Om te beoordelen of iemand een voedselpakket krijgt, hanteren wij landelijke regels en criteria. Hieronder leest u een samenvatting van deze criteria (geldig vanaf 1 januari 2018):

1.   Normbedragen

De normbedragen zijn als volgt:

  • Basisbedrag per huishouden: € 130,-
  • Per persoon: € 85,-

 

Aantal kinderen alleenstaande echtpaar/samenwonenden
0 215 300
1 300 385
2 385 470
3 470 555
4 555 640
5 640 725

Uitgangspunt is dat ieder huishouden 1 pakket ontvangt. Het normbedrag voor toelating conform criteria en de grootte van het voedselpakket worden met name bepaald door het aantal inwonende gezinsleden.

Heeft u wekelijks leefgeld, dan berekenen we het maandbedrag door het weekbedrag te vermenigvuldigen met 4,3333.

2. Inkomsten

Hieronder vallen alle netto inkomsten, inclusief toeslagen en (voorlopige) teruggaaf Inkomstenbelasting van aanvrager, van de partner of inwonende volwassene waarmee een gezamenlijke huishouding wordt gevoerd. Voor inwonende (kostgeld verdienende) kinderen of andere familieleden gaan we uit van een bijdrage van € 200,- en bijvoorbeeld het kindgebonden budget tellen we ook mee.

Niet meegeteld worden:

  • Inkomsten die een specifiek doel hebben, zoals langdurigheidstoeslag en kleine inkomsten uit hobby
  • Vakantietoeslag
  • Kinderbijslag
  • Studiefinanciering inwonende kinderen
  • Persoonsgebonden budget (PGB)
  • Neveninkomsten van kinderen zoals krantenwijk, bijbaantje e.d.

 

3. Uitgaven

Bij de uitgaven tellen alleen de kosten mee van de personen van wie inkomen is meegeteld. Kosten die bijvoorbeeld vanuit de kinderbijslag of persoonsgebonden budget worden voldaan tellen dus niet mee. De meest voorkomende zaken die bijna alle uitgaven afdekken zijn:

  • Huur
  • Rente en aflossing hypotheek
  • Energie en water
  • Premie zorgverzekering
  • Eigen bijdrage zorgverzekering en reserveringen eigen risico van maximaal € 50,- per volwassene
  • Premie overige verzekeringen (zoals: inboedel-, WA- en begrafenisverzekering)
  • Telefoon, TV en Internet (werkelijke kosten met een maximum van € 54,– p.m.)
  • Kosten persoonlijke verzorging, was- en schoonmaakmiddelen met een maximum van € 42,-
  • Gemeentelijke belastingen (voor zover die daadwerkelijk worden betaald)
  • Belastingen Waterschap (voor zover die daadwerkelijk worden betaald)
  • Aflossing van schulden (schulden aan familieleden worden in beginsel niet meegenomen)
  • Kosten kinderopvang mits noodzakelijk
  • Kosten vervoer voor onder andere woon-werkverkeer en op medische gronden, maximaal € 25,-
  • Overige uitgaven dienen altijd gespecificeerd te worden

Niet meegeteld worden:

  • Kosten van huisdieren
  • Premie voor spaar-, pensioen- of overlijdensrisicoverzekering met spaarelement, voor zover niet verbonden aan de eigen woning

 

4. Hardheidsclausule

Het is onmogelijk om alle situaties te vangen in regeltjes. Indien het toepassen van de hiervoor vermelde regels, in zeer bijzondere situaties, tot ongewenste situaties leidt, kan de beoordelaar van de Voedselbank bij uitzondering, maar wel onderbouwd, afwijken van deze regels.


Studenten krijgen geen voedselpakket
Studenten komen niet in aanmerking voor een voedselpakket omdat zij studiefinanciering krijgen en met een bijbaantje geld bij kunnen verdienen.